Borgerhoff & Lamberigts gebruikt cookies om uw surfervaring beter te maken.
Akkoord

Waar ben je naar op zoek?

'Het goede leven' volgens Wim Distelmans

Dokter Distelmans is specialist in stervensbegeleiding. Voor zijn laatste boek 'Over hoe graag mensen leven' ging hij in gesprek met artistiek onderzoeker en filosofe Anna Luyten. Hij laat zijn licht schijnen over de kleine en grote vraagstukken van het leven zoals zijn invulling van het 'goede leven'.

Wat is het goede leven voor u?

Niet-platgetreden paden durven te bewandelen, dat is voor mij een vorm van “het goede leven”. Iedereen probeert zin te geven aan het leven waarvan wij allemaal weten dat het eindig is. Je kan zeggen: “Niets wat ik doe, heeft zin want ik ga toch dood.” Ik ben zelf niet gelovig. Je kan dingen aannemen of geloven, maar zeker is het niet. Zolang ik geen wetenschappelijke bewijzen zie, kan ik het bestaan van iets niet aannemen. Ben ik nu een agnost of een atheïst? Ik weet het niet. Maar ik ben er wel van overtuigd dat we zin kunnen geven aan dit leven.

Wat zijn voor u belangrijke normen en waarden?

Respect. Elkaar respecteren houdt in dat je probeert anderen geen dingen aan te doen waarvan je zelf ook niet wil dat ze jou zouden worden aangedaan. Ik probeer dat consequent door te voeren.

Mijn moeder was enorm dominant. Misschien is dat de reden waarom ik een hekel heb aan hiërarchie en dominantie. Ik kan niet tegen mensen die eenzijdig beslissen voor andere mensen. Als mensen hun taak zelf mogen invullen en vormgeven, presteren ze veel beter omdat ze dan vanzelfsprekend meer verantwoordelijkheid voelen en nemen. Er zijn een dertigtal werknemers in Wemmel bij TOPAZ. Ik bepaal niet hoe ze hun werk dagelijks moeten organiseren, als het resultaat er maar is. In mijn opleiding als arts vond ik dat ze mij op een afschuwelijke manier behandelden. Ik heb me toen voorgenomen dat ik dat nooit een ander zou aandoen. 

Bent u ooit bang geweest voor een natuurfenomeen?

Ik heb een ongelofelijke doodsangst. Misschien nog meer dan andere mensen. Misschien omdat ik er te veel over nadenk. Het is echt een diep existentiële angst voor de dood. Ik probeer dat te compenseren door humor en misschien zelfs door in de palliatieve zorg te werken. Ik heb al lang geleden geleerd dat het onzin is dat ik die angst zou kunnen leren beheersen door mij concreet met de dood bezig te houden. Maar door mijn werk kom ik wel met mensen in contact die echt geconfronteerd worden met de dood. Die echt op die drempel van het leven staan. Ik ben de laatste om mensen op de vingers te tikken omdat ze geloven. Geloof is belangrijk als dat een compensatie vormt voor een doodsangst, zolang die mensen daardoor geen schade berokkenen aan zichzelf en aan anderen.

Stellen mensen het leven soms uit?

Ik ben overtuigd geraakt van twee grote zaken.

Een: als je iets wil doen, doe het nu en niet morgen. Ik heb mensen ontmoet die zeiden: “Volgend jaar ga ik met pensioen en dan ga ik eindelijk eens van het leven genieten.” Dan werden ze 66 en kregen ze een terminale diagnose. Als je iets wil doen, stel het niet uit, want je hebt de dingen niet onder controle. Je kan alleen maar hopen dat je oud wordt, maar je weet het nooit zeker.

Twee: we plannen alles in functie van de oneindigheid. We gaan met ons leven om alsof we de eeuwigheid in pact hebben. Dat is een elementaire existentiële manier om te verdragen dat we eindige wezens zijn.

Ik sta er soms even bij stil: dat ik al 66 ben of dat het best zou kunnen dat ik een terminale ziekte krijg, maar ik verwerp die gedachten onmiddellijk. Ik verdring het door iets te doen of door aan iets anders te denken.

Wat ik geleerd heb van mensen die bijna doodgaan, is dat zij dezelfde copingstrategie hebben. Mensen die perfect weten dat ze het einde van het jaar niet zullen halen, leven hun laatste momenten op de manier waarop wij allemaal het leven leiden: alsof ze nog oneindig gaan leven. Die copingstrategie verandert niet. Dan krijg je mensen die op het einde van hun leven de gekste dingen zeggen. Als je weinig ervaring hebt met terminaal zieken is dat erg verwarrend. Mensen die nog maar een paar weken of maanden te leven hebben, zeggen dan dat ze de volgende zomer met vakantie willen naar Namibië omdat “het daar naar verluidt fantastisch is”. Toch weten ze dat ze Kerstmis niet zullen halen. De volgende dag zeggen ze dat ze naar de notaris willen om hun testament te regelen. De dag daarna zeggen ze: “Namibië is misschien toch niet zo interessant, ik zoek een andere plek om naartoe te gaan.”

Die copingstrategie faalt vaak. Op de dag dat ze met de harde realiteit worden geconfronteerd, dat ze een bepaalde analyse gepresenteerd krijgen door hun arts of een nieuw CT-scan protocol, weten ze dat ze met beide voeten op de grond moeten blijven staan. Maar de volgende dag is die copingstrategie er weer. Ik vind dat geweldig. Mensen vragen vaak of het niet ongelofelijk zwaar is om dag in dag uit met terminale patiënten om te gaan. Dan antwoord ik steevast "neen".

Wat doet u als u tot rust wil komen?

Me afzonderen, alleen zijn. Ik ga in de natuur zitten, ik kijk naar de sterren. Of ik kijk naar een film, ik rook een sigaar, ik drink een glas. Of ik bel met iemand die ik erg waardeer. Meestal trek ik me op mezelf terug. Of ik doe iets waardoor ik mezelf moet verplichten de maalmolen van mijn denken stop te zetten: een moeilijke bergpas beklimmen, skiën of het gras maaien. Dat zijn zaken waarop je je moet concentreren, echt controle houden op de situatie, waardoor je niet meer aan de rest kan denken. Ik ben zoals gezegd een controlefreak, dus dat zijn de momenten waarop ik “mijn hoofd schoon was” en niet zit na te denken over de zin van het leven.’

U sprak daarnet over uw angst voor de dood. Hebt u ook ooit angst voor de liefde gehad? Dat is evengoed controleverlies.

Absoluut. Je engageren in een relatie is verschrikkelijk moeilijk. Toen ik als jonge twintiger in Frankrijk zat, heb ik een dagboek van mijn twijfels bijgehouden. Het is wel grappig om dat dagboek veertig jaar later terug te lezen, maar toen was het wel nuttig. Ik heb het nu aan mijn zoon uitgeleend opdat hij er misschien inspiratie uit zou halen. Ik heb er hele theorieën in uitgeschreven over hoe je je aan iemand kan hechten. Ik had problemen met mijn toenmalige lief uit België. Ik wist niet of ik met haar verder moest of niet. Er zijn miljarden mensen op de wereld, dacht ik. En per toeval bleef ik plakken aan iemand die in Brasschaat, bij mijn ouders thuis in de straat woonde. Ik kwam er niet uit. Al dat zoeken naar geluk. Hoe komt het dat ik blijf plakken aan iemand, vroeg ik me af. Kiezen is verliezen: dat gevoel heb ik altijd gehad. Op alle vlakken. Niet alleen in de liefde. Tot je dan zekerheid krijgt, zonder echt te weten waarom.

Over hoe graag mensen leven, gedachten en verhalen over leven en dood

'Over hoe graag mensen leven' is een boek van dokter en professor Wim Distelmans dat mensen troost, verdieping en wijsheid zal bieden. Het is adembenemend knap opgetekend door filosofe Anna Luyten.
Ontdek het boek

Anderen kochten ook